Mogen we eigenlijk nog wel fouten maken?

Soms vraag ik me dat echt af. Mogen we nog falen? Mogen we nog een verkeerde keuze maken? Mogen we ergens niet aan toe zijn? Of moeten we tegenwoordig altijd alles meteen goed doen?

Als ik om me heen kijk, zie ik andere signalen. Kinderen én volwassenen lijken steeds minder ruimte te krijgen om te leren, te twijfelen of fouten te maken. We worden afgerekend op wat niet lukt, terwijl juist daar de grootste lessen verborgen liggen.

Bij kinderen met autisme zie ik dat misschien nog wel het duidelijkst. Mijn kind kon op zijn tiende prima rekenen. Tenminste... op de dagen dat zijn hoofd rustig was.

Maar op dagen waarop hij overprikkeld was, angstig of gespannen, leek alle kennis verdwenen. Hij kon eenvoudige sommen ineens niet meer maken. Niet omdat hij het niet wist, maar omdat zijn brein op dat moment simpelweg niet meer beschikbaar was voor leren.

Hij kon dat alleen nog niet uitleggen. Dus zei hij: "Ik heb er geen zin in." De reactie van de juf was goedbedoeld.

"Kom op, je weet het heus wel. Je hebt er gewoon geen zin in."

En ergens had ze gelijk. Hij zei immers zelf dat hij geen zin had. Maar achter die woorden zat een heel andere werkelijkheid. Want "geen zin" betekent bij veel kinderen helemaal niet letterlijk geen zin.

Het kan betekenen:

  • Ik kan het nu niet.

  • Mijn hoofd zit vol.

  • Ik ben bang om fouten te maken.

  • Ik ben overprikkeld.

  • Ik weet niet waar ik moet beginnen.

  • Het kost me op dit moment te veel energie.

Met andere woorden: geen onwil, maar onmacht.

En precies daar gaat het zo vaak mis.

We beoordelen gedrag, terwijl we niet zien wat eraan voorafgaat.

Negatieve ervaringen blijven hangen

We weten uit onderzoek dat negatieve ervaringen een veel grotere impact hebben dan positieve. Zeker kinderen met autisme kunnen hier extra gevoelig voor zijn. Een afkeurende opmerking, een onvoldoende of het gevoel te falen kan nog lang blijven doorwerken. Daar staan vaak meerdere positieve ervaringen tegenover voordat een kind zich weer veilig voelt.

Maar hoe geef je die positieve ervaringen als een kind dagelijks overprikkeld raakt?

Hoe bouw je zelfvertrouwen op als een kind steeds opnieuw het gevoel krijgt dat het tekortschiet? Dat is misschien wel één van de grootste uitdagingen voor ouders én onderwijs.

Ook volwassenen mogen blijkbaar niet meer leren

Eigenlijk stopt het daar niet. Ook volwassenen lijken steeds minder ruimte te krijgen om fouten te maken. Je maakt een keuze op basis van de informatie, kennis en mogelijkheden die je op dat moment hebt.

Soms pakt die keuze goed uit. Soms niet. En dan? Dan leer je. Dan stuur je bij. Tenminste... dat zou logisch zijn.

Maar in de praktijk krijgen we vaak te horen dat we het "verkeerd" hebben gedaan. Dat herken ik ook.

Toen wij besloten ons kind thuis te houden van school omdat hij er letterlijk ziek en ongelukkig van werd, kwamen daar veel oordelen over. Alsof er maar één juiste keuze bestond. Terwijl wij simpelweg deden wat iedere ouder probeert te doen: de beste beslissing nemen met alles wat we op dat moment wisten.

Misschien zouden we nu sommige dingen anders doen. Maar dat maakt die keuze van toen niet fout.

Waarom zijn fouten eigenlijk zo bedreigend geworden?

Op school zie je het al. Een werkblad wordt nagekeken. Een krul betekent goed. Een kruis betekent fout. Gelukkig zie je tegenwoordig steeds vaker complimenten en positieve feedback. Maar toch blijft de aandacht vaak hangen bij wat niet goed ging. Terwijl leren juist ontstaat doordat iets eerst niet lukt.

Fouten zijn geen bewijs dat je dom bent. Ze zijn bewijs dat je aan het leren bent.

Misschien moeten we kinderen iets anders leren

Misschien hoeven we kinderen niet te leren hoe ze perfect moeten zijn. Misschien moeten we ze laten zien dat volwassenen óók twijfelen. Dat we keuzes maken. Dat sommige keuzes anders uitpakken dan gehoopt. En dat we vervolgens opnieuw kiezen. Niet omdat de eerste keuze fout was. Maar omdat we nieuwe informatie hebben gekregen. Dat is geen falen. Dat is groeien.

En misschien is dat wel het mooiste voorbeeld dat we onze kinderen kunnen geven. Zeker onze kinderen met autisme. Want als zij leren dat fouten niet betekenen dat zij zélf fout zijn, maar dat fouten simpelweg bij het leven horen, geven we hen iets veel waardevollers mee dan perfecte cijfers.

We geven hun de veiligheid om te blijven proberen. En misschien is dat uiteindelijk wel de belangrijkste les die we allemaal mogen leren.

Petra Dekker

Coördinator Mama Vita