De kunst van niksen!
De kunst van niksen!

De kunst van niksen!

Tijdens de Autismeweek vertelden verschillende ervaringsdeskundigen over het nut en de meerwaarde van niksen. Een grappig feitje is dat Nederland het enige land in de wereld een werkwoord niksen heeft. Vaak heeft het werkwoord niksen een negatieve lading maar niets is minder waar. Het thema van de Autismeweek 2026 is ‘Rust in de ruimte’ en sluit daarom goed aan bij het niks doen.

Niksen (bewust nietsdoen) is cruciaal voor mentale gezondheid: het vermindert stress, verlaagt de kans op een burn-out, laadt de batterij op en bevordert creativiteit. Door het 'default mode-netwerk' in de hersenen te activeren, verwerk je emoties, verbeter je concentratie en ontstaan er 'aha-momenten'. 

 

Belangrijkste voordelen van niksen:

  • Minder stress en angst: Het kalmeert het zenuwstelsel en verlaagt de vecht-of-vluchtrespons.

  • Verhoogde creativiteit: Door verveling dwaalt het brein af, wat leidt tot nieuwe inzichten en betere probleemoplossing.

  • Bereidheid om te herstellen: Het geeft rust aan hersenen en lichaam, wat leidt tot een beter herstel.

  • Verbeterde mentale helderheid: Na een 'niks-pauze' kun je je beter concentreren, waardoor je uiteindelijk productiever bent.

  • Zelfreflectie: Het biedt ruimte om na te denken over je leven en emoties te reguleren. 

 

Wat is niksen niet?
Niksen is niet hetzelfde als op je telefoon kijken. Het is het ongestoord laten dwalen van je gedachten, zoals staren uit het raam of lummelen, zonder specifiek doel.

Of je nu een neurodivers of neurotypisch brein hebt dat maakt niet uit. Maar ik hoor en zie dus de vele voordelen van niksen bij iemand met een neurodivers brein. Een neurodivers brein heeft vaker last van stress en overprikkeling.

 

Niksen (bewust nietsdoen) is voor een neurodivergent brein (ADHD, autisme, hoogsensitiviteit) vaak een uitdaging, omdat dit brein vaak continu 'aan' staat, snel overprikkeld raakt of behoefte heeft aan constante stimulatie. Toch is het essentieel voor herstel en het voorkomen van overprikkeling of een burn-out. 

  • Herdefinieer Niksen: Voor neurodivergente mensen betekent niksen vaak niet 'leeg in de ruimte staren', maar prikkelarme activiteiten doen die geen prestatiedruk geven. Denk aan naar buiten kijken, staren naar een vlammetje, of luisteren naar rustige muziek.

  • Creëer een Veilige Omgeving: Een neurodivers brein kan pas rusten als de omgeving veilig en prikkelarm is. Verminder auditieve en visuele prikkels (doe de lichten uit, gebruik noise-cancelling koptelefoons).

  • Laat schuldgevoel los: Het voelt vaak 'nutteloos' om niets te doen, maar dit essentiële onderhoud is nodig voor je hersenen.

  • Geef toe aan 'stimming': Soms is stilzitten onmogelijk. Niksen kan ook betekenen: friemelen, schommelen of herhalende bewegingen maken, zolang het maar geen 'taak' is.

 

Tips voor effectief niksen zonder schuldgevoel;

  • Plan rust in: Plan "niets" in je agenda, anders schiet het erbij in.

  • Volg je energie: Merk je dat je brein nooit stilstaat? Probeer dan 'low-input' activiteiten in plaats van totale inactiviteit, zoals wandelen in de natuur.

 

Maar ook als ouder van 2 zonen met autisme sta ik de hele dag aan en ga ik vanaf nu ook meer bewust worden en tijd in te plannen om helemaal niets te doen! En jij?

 

Liefs,

Claudette Nouris

Wat mij overeind houdt als moeder
Wat mij overeind houdt als moeder

Wat mij overeind houdt als moeder

Moeder zijn van een kind met autisme is iets waar je niet echt op voorbereid kunt worden. Je

kunt erover lezen, erover horen, maar pas wanneer je er middenin zit begrijp je hoeveel er

eigenlijk bij komt kijken.

Ik ben Soreti, getrouwd en moeder van drie prachtige kinderen, waarvan onze jongste zoon

autisme heeft en taal functioneel gebruikt. Vanuit mijn eigen ervaringen ben ik The Selfcaring

Mom begonnen, een platform op Instagram waar ik mijn eigen verhaal deel. Over de dingen die

werken, de momenten die niet makkelijk zijn, en de kleine routines die me helpen vol te houden.

Het is niet omdat ik alles op orde heb, maar juist omdat ik soms ook zoek naar manieren om

rust te vinden, balans te houden tussen zorgen voor mijn gezin en tijd voor mezelf.

Er was een periode dat ik volledig opging in de zorg. Afspraken, therapieën, aanpassingen thuis,

gesprekken met school, de onzichtbare to-do lijsten die nooit ophielden. Mijn wereld draaide om

mijn gezin, en ik vond dat ook logisch. Dat is moederliefde, toch?

Maar op een dag zat ik op de bank en merkte ik dat ik mezelf niet meer herkende. Niet letterlijk,

maar figuurlijk. Wie was ik buiten het moederschap? Wat vond ik fijn? Wanneer had ik voor het

laatst iets gedaan puur voor mezelf, zonder schuldgevoel? Die vragen bleven hangen. En eerlijk

gezegd maakten ze me somber, omdat ik mezelf kwijt was geraakt in alles wat ik deed voor

anderen. Dat gevoel wilde ik niet wegduwen. Het was een teken dat er iets moest veranderen.

Ik heb lang gedacht dat balans iets was wat je bereikt. Een toestand van rust en orde, waarbij je

zowel een goede moeder bent als goed voor jezelf zorgt. Maar balans werkt anders. Het is geen

evenwichtspunt dat je vasthoudt, maar het is iets dat je steeds opnieuw zoekt.

Sommige dagen is de balans ver te zoeken. Dan is er een moeilijke ochtend geweest, een

meltdown die me emotioneel uitput, of lig ik 's nachts wakker terwijl mijn hoofd niet stil wil

staan. Op die dagen is mijn zelfzorg soms niets meer dan één kop koffie in stilte drinken, of vijf

minuten buiten staan in de frisse lucht. En dat is genoeg. Echt.

Kleine dingen die het verschil maken:

Elke ochtend vijf minuten voor jezelf, vóórdat de dag begint

Nee zeggen zonder uitleg, geloof mij ook dat is ook zelfzorg

Je gevoelens opschrijven, zelfs als het maar twee zinnen zijn

Iemand vragen om hulp, voordat je door je grens gaat

Wat mij overeind houdt zijn juist de kleine, vaste momenten in mijn dag. Een ochtendroutine die

van mij is. Een moment van verbinding met mijn man. Een wandeling zonder doel. Het

opschrijven van drie dingen waar ik dankbaar voor ben, hoe klein ook.

En eerlijk zijn naar mezelf. Niet doen alsof ik sterk ben als ik moe ben. Niet glimlachen als ik

verdrietig ben. Echt voelen wat er is, en mezelf dan toch een stapje verder zetten.

Ik deel dit omdat ik weet hoe eenzaam het kan voelen als je het gevoel hebt dat jij de enige bent

die worstelt. Dat ben je niet. En jij verdient net zoveel zorg als de mensen om je heen.

Veel liefde,

Soreti

Voor het eerst écht vakantie
Voor het eerst écht vakantie

Voor het eerst écht vakantie

Al jaren gingen wij eigenlijk niet meer écht op vakantie. Niet omdat we dat niet wilden, maar omdat onze zoon de prikkels simpelweg niet aankon. En juist omdat het zorgen zo intens is, heb je die vakantie zó hard nodig.

Tweeënhalf jaar geleden viel mijn zoon uit in het onderwijs, in januari. Omdat mijn jongste toen nog maar vier was en dus niet leerplichtig, besloot ik: in juni gaan we weg. We kozen voor een vakantiepark in Nederland, één week. Langer durfde ik nog niet aan.

Maar wat bleek dat een verademing.

Hij kwam tot rust. En voor het eerst in lange tijd konden wij ook een beetje loslaten en genieten. Natuurlijk ging het niet zonder slag of stoot, maar er ontstond ruimte. Zelfs af en toe aandacht voor onze jongste. Dat voelde als winst.

De leerplicht gaf toestemming voor nog twee jaar buiten de schoolweken om op vakantie te gaan. Vorig jaar gingen we twee weken kamperen met de vouwwagen. Ondanks de hitte van rond de 30 graden ging het verrassend goed. De spanningen waren er wel, maar kort en hanteerbaar. Voor het eerst in acht jaar kwamen wij als ouders écht ontspannen thuis.

Dit jaar is het laatste jaar dat we buiten de schoolvakanties mogen gaan. Onze jongste zit nu in groep 3 en het is begrijpelijk dat de leerplicht zich zorgen maakt over wat ze mist. En dat is ook oké.

Maar dit jaar besloten we nóg een stap te zetten.

Mijn zoon droomt al zes jaar van een vliegvakantie. Wij durfden het nooit aan. Tot nu. Op 11 maart vertrokken we. De reis was voor mij pittig. Veel schakelen, afstemmen, op letten. Maar mijn zoon… die deed het zó goed. Vooral door duidelijkheid. Hij vraagt nu zelf om uitleg als iets onduidelijk is. Dat alleen al is een enorme stap.

Inmiddels hebben we zelfs twee excursies gedaan. Twee dagen achter elkaar, iets wat ik normaal nooit zou plannen, zelfs niet thuis in de schoolvakantie. Maar hij was zo ontspannen dat we dachten: we proberen het.

De eerste excursie deed me denken aan Plaswijckpark: een combinatie van dierentuin en zwembad. We gingen ook naar een dolfijnenshow, met veel mensen. Dat gaf spanning, maar met nabijheid en duidelijkheid kwam hij er goed doorheen. En het zwemmen? Dat ging gewoon goed.

De tweede excursie was een tour door een nationaal park. We reden veertig minuten rond, bekeken vulkanen en maakten daarna een tocht op een dromedaris. Spannend, zeker. Maar geen enkele uitbarsting. ’s Middags konden we gewoon ontspannen bij het hotel.

En toen gebeurde er iets wat me diep raakte.

Mijn zoon zei tegen zijn zusje:
"Het is ook papa en mama’s vakantie, dus zij mogen ook kiezen wat ze willen doen."

Voor het eerst hield hij rekening met ons.

Soms kan ik het nog steeds niet geloven. Dan ben ik bang dat het morgen weer omslaat. Dat er toch een boze bui komt, of iets gebeurt wat hij niet aankan. Maar inmiddels zijn we vijf dagen verder, en begin ik te zien wat er echt aan de hand is:

Hij is gegroeid.
En wij gaan steeds meer begrijpen wat hij nodig heeft.

En ja… eten helpt ook. Hij is een echte puber. Gelukkig zitten we all inclusive. Gisteravond mocht hij na negen uur niet meer eten. Hij ging boos naar bed, maar dat was oké. Hij viel wel makkelijk in slaap.

Vanmorgen benoemde ik dat ik zag dat hij boos was.
“Hoe weet je dat?” vroeg hij.
“Het klopt wel, mama,” zei hij daarna.

We hadden er een kort maar rustig gesprek over. Wat een verschil met een paar jaar geleden. We gaan nog een paar mooie dagen tegemoet. In juni staat er nog een weekje camping op de planning. En voor het eerst kijk ik daar echt naar uit. Niet meer als iets wat “moet”, maar als iets waar ik naar verlang.

Met dit verhaal wil ik laten zien: hoe zwaar het soms ook is, er kunnen echt lichtpuntjes komen. Ik had nooit gedacht dat ik dit zou kunnen schrijven.

Met hartelijke groet,Isolene

Balanceren tussen werk, zorg en liefde
Balanceren tussen werk, zorg en liefde

“Balanceren tussen werk, zorg en liefde”


Mijn naam is Tashiana en ik ben moeder van een geweldige jongen van 7 jaar met autisme, een ontwikkelingsachterstand, een verstandelijke beperking en hij is non-verbaal. Naast moeder zijn, werk ik ook als verpleegkundige. Op instagram (journey_on_with_amari) deel ik een deel van ons leven. Het dagelijks leven is een constante zoektocht naar balans tussen mijn werk en de zorg voor mijn zoon, terwijl ik zo veel mogelijk rust en structuur probeer te houden. Het is een druk leven, vol routines, logistieke uitdagingen, onverwachte situaties en ook blije momenten die alles de moeite waard maken.


Mijn dag begint met het voorbereiden van alles voor dagbesteding. Daarna ga ik met hem mee in de taxi naar dagbesteding. Zodra hij daar is, haast ik mezelf naar mijn werk, waar ik een aantal uurtjes werk. Die uren zie ik niet alleen als werk, maar ook als tijd voor mezelf om op te laden, mijn gedachten te ordenen en even te ontspannen voordat het tweede deel van onze dag begint. Daarna race ik terug om hem op te halen, en begint het tweede deel van onze dag samen. Deze rituelen en logistieke puzzels vragen veel planning, flexibiliteit en energie, zeker omdat ik alles zelf moet regelen. Geen dag is hetzelfde en soms zijn er momenten dat het zwaar is.


Wat ik in dit proces zeker heb geleerd, is flexibel zijn. Geen dag verloopt zoals gepland en ik moet me vaak aanpassen aan de situatie. Sommige dagen zijn zwaarder dan andere, en het kan moeilijk zijn om vooruitgang en positieve momenten te zien in het dagelijks leven. 

Wat mij helpt, is terugkijken naar momenten waarop het wél beter ging. Door
dingen vast te leggen en later terug te lezen/kijken, zie ik dat er ook mooie momenten tussen zitten; momenten waar ik als vrouw, moeder en werknemer trots op mag zijn. Ik merk dat ik door mijn werk en het volgen van routines bij mijn zoon soms extra scherp ben gaan kijken naar kleine veranderingen. Een glimlach, een geluidje, of een nieuwe manier waarop hij iets laat zien; het zijn deze subtiele signalen die me doen beseffen dat er vooruitgang is, ook als het klein lijkt. Het dwingt me ook om stil te staan bij mijn eigen balans: soms voel ik me uitgeput, maar tegelijkertijd besef ik dat die korte momenten voor mezelf tijdens werk me helpen om de rest van de dag bewuster en rustiger in te
vullen.


Er zijn zoveel kleine, mooie momenten die alles goedmaken: zijn spontane lach, trots op iets nieuws wat hij leert, of een onverwachte knuffel op een moment dat ik het het hardst nodig heb. Soms is het iets eenvoudigs, zoals wanneer hij blij reageert op een spelletje dat we samen doen, of wanneer hij iets zelf kan doen wat eerst moeilijk leek. Het zijn deze kleine overwinningen die laten zien dat vooruitgang er altijd is, ook als het soms nauwelijks zichtbaar lijkt.


Wat ik graag wil meegeven aan andere moeders die zich soms alleen voelen: je bent niet de enige. Het delen van ervaringen, tips en herkenning kan een wereld van verschil maken. Soms kan een simpel gesprek met iemand die begrijpt wat je doormaakt je dag helemaal anders laten voelen. Het kleine gebaar van steun en begrip doet wonderen. Het is ook belangrijk om open te staan voor contact met anderen en zo een netwerk te vormen. Door elkaar te steunen en ervaringen te delen, kunnen we elkaar sterker maken.

Lieve moeders, onthoud dat: jullie inzet, liefde en geduld zijn onbetaalbaar. Maar vergeet nooit dat jullie ook mensen zijn, met eigen grenzen en behoeften. Wees lief voor jezelf, want om er goed voor onze kinderen te kunnen zijn, moeten we ook goed voor onszelf zorgen. Deel je ervaringen, wees trots op alles wat je doet en omarm jezelf met dezelfde warmte die je elke dag aan je kinderen geeft. Jullie doen het geweldig, en dat mag je ook tegen jezelf zeggen.  

Warme groet,

Tashiana

Medicatie bij kinderen met autisme of ADHD: een ingewikkelde afweging
Medicatie bij kinderen met autisme of ADHD: een ingewikkelde afweging

Medicatie bij kinderen met autisme of ADHD: een ingewikkelde afweging

Als ouder van kinderen met autisme of ADHD voel je vaak een constante spanning: je wilt dat je kind zich goed voelt, dat het mee kan komen op school, dat het thuis rustig is, en dat het gezin kan functioneren. Tegelijkertijd wil je je kind vooral laten zijn wie het is. Medicatie kan een optie zijn, maar de vragen en twijfels zijn groot: is het nodig, voor wie, en wat betekent het voor mijn kind?

Wij hebben dit zelf ervaren met onze twee zonen. Onze oudste was op de basisschool zo angstig dat naar school gaan bijna onmogelijk werd. Thuiszitten was een noodzaak, maar ook thuis was niet altijd veilig: de angst en spanning waren zo groot dat hij zich nauwelijks kon ontspannen. Onze andere zoon had heftige emoties en meltdowns, zowel thuis als op school. Het hele gezin was ontregeld, uitgeput en constant in overlevingsstand.

In overleg met de kinderpsycholoog kregen beide kinderen medicatie voorgeschreven. Voor ons voelde dat dubbel: we wilden onze kinderen helpen, maar we vroegen ons af of we hen teveel in een systeem duwden dat vooral beheersing zocht.

Medicatie hielp in zekere zin. De meltdowns werden iets minder heftig, de scherpe randjes van emoties werden zachter. Toch bleef school een groot struikelblok: het naar school gaan was te veel, te spannend, te onveilig. Medicatie maakte sommige momenten draaglijker, maar loste de kern van de angst of de overprikkeling niet op.

Er zijn geen makkelijke antwoorden, maar een paar overwegingen kunnen helpen:

Voor wie is medicatie bedoeld? Primair om het kind te ondersteunen: zodat het zich veiliger voelt en positieve ervaringen kan opdoen, bijvoorbeeld op school en in het gezin. Tegelijkertijd kan medicatie ook het gezin wat ademruimte geven in het dagelijks leven.

Wat zijn alternatieven of aanvullingen? Therapie of begeleiding, meer of minder structuur thuis, schoolaanpassingen en sociale ondersteuning.

Hoe ervaart het kind zelf de medicatie? Het luisteren naar en observeren van je kind is cruciaal.

Hoe monitoren we effect en bijwerkingen? Medicatie kan bijstellen of stoppen noodzakelijk maken.

Het kind mag gewoon kind zijn.

Een belangrijk inzicht voor ons was dat medicatie een hulpmiddel kan zijn, maar dat het kind daardoor niet “stuk” is. Onze kinderen hebben angsten en emoties die soms overweldigend zijn, maar dat maakt ze niet minder waardevol. Ze mogen spelen, ontdekken, lachen, boos worden en weer verder gaan. Medicatie kan sommige momenten draaglijker maken, maar verandert niets aan hun kern als kind.

Het blijft een persoonlijke en complexe afweging. Medicatie kan steun bieden, maar is nooit de enige oplossing. Het vraagt luisteren, samenwerken met school en artsen, en ruimte laten voor het kind om zich op eigen tempo te ontwikkelen. Het belangrijkste is dat je kind gezien wordt, gehoord wordt, en vooral mag zijn wie het is.

Met hartelijke groet,

Petra Dekker
Regiocoördinator Mama Vita

Tijd en autisme: waarom mijn ene kind al klaarstaat en de ander nog tien dingen moet doen
Tijd en autisme: waarom mijn ene kind al klaarstaat en de ander nog tien dingen moet doen

Tijd en autisme: waarom mijn ene kind al klaarstaat en de ander nog tien dingen moet doen

Tijd kan bij zowel kinderen als volwassenen met autisme een uitdaging zijn. Dat merk ik thuis bijna dagelijks, want mijn twee zoons gaan er totaal verschillend mee om.

Als ik zeg: “Over tien minuten zitten we in de auto,” dan gebeurt er vaak precies hetzelfde.

Mijn ene zoon staat stipt op tijd klaar. Jas aan, schoenen aan, tas gepakt. Soms zelfs al een paar minuten eerder. Voor hem is tijd namelijk heel duidelijk: tijd is tijd. Als we om tien uur weggaan, dan gaan we om tien uur weg.

Mijn andere zoon reageert heel anders. Terwijl ik heb gezegd dat we over tien minuten vertrekken, moet hij ineens nog van alles doen. Nog even iets pakken. Iets zoeken. Iets laten zien. Misschien nog snel naar de wc. Of toch nog even iets afmaken waar hij mee bezig was. En voor hem voelt dat ook logisch. Want in zijn beleving is er nog tijd genoeg.

Hoe kan dat zo verschillend zijn?
Wat ik door de jaren heen ben gaan begrijpen, is dat het bij autisme vaak niet zozeer gaat over willen luisteren, maar over hoe tijd wordt ervaren.
Voor sommige kinderen met autisme is tijd heel concreet en letterlijk. Een afspraak om tien uur is precies dat: tien uur. Niet vijf minuten later en ook niet “ongeveer”. Dat geeft houvast en duidelijkheid.
Als er dan iets verandert, bijvoorbeeld wanneer iemand te laat is, kan dat verwarrend zijn. Want de afspraak klopte toch?

Mijn zoon die altijd op tijd klaarstaat, vindt die duidelijkheid juist prettig. Het geeft hem structuur en voorspelbaarheid.

Tijd kan ook een vaag begrip zijn
Bij mijn andere zoon werkt het totaal anders. Voor hem is tijd veel minder concreet. Tien minuten kunnen voelen als een half uur. Of soms juist als één minuut. Als hij ergens mee bezig is, kan hij daar helemaal in opgaan. Daardoor lijkt het alsof er nog alle tijd van de wereld is.
Dus wanneer ik zeg: “Over tien minuten gaan we weg,” denkt hij oprecht dat er nog genoeg tijd is om eerst nog even dit of dat te doen. En voor je het weet zijn die tien minuten voorbij. Dat is geen onwil. Het is simpelweg dat het besef van tijd minder sterk is.

Twee uitersten in één gezin
Wat ik bijzonder vind, is dat je binnen één gezin zulke verschillen kunt zien. De één houdt zich strak vast aan de tijd en aan afspraken. De ander heeft juist hulp nodig om tijd beter te kunnen inschatten.
En als ouder moet je daar steeds weer een balans in vinden.

Door de jaren heen heb ik een paar dingen ontdekt die helpen om het vertrek uit huis iets soepeler te laten verlopen.

1. Tijd zichtbaar maken
Tijd is eigenlijk een abstract begrip. Door het zichtbaar te maken, wordt het duidelijker.
Een timer, een aftellende klok of een zandloper kan helpen. Dan zien mijn kinderen letterlijk hoeveel tijd er nog is.

2. Niet één keer, maar meerdere keren aankondigen
Alleen zeggen “over tien minuten gaan we weg” is vaak niet genoeg.
Wat beter werkt is bijvoorbeeld:
• “Nog tien minuten.”
• “Nog vijf minuten.”
• “Nog twee minuten.”
• “We gaan nu echt richting de auto.”
Zo wordt de overgang minder abrupt.

3. Duidelijk maken wat er verwacht wordt
Ik probeer niet alleen de tijd te noemen, maar ook de actie.
Dus niet alleen:
“Over tien minuten gaan we weg.”
Maar bijvoorbeeld:
“Over tien minuten zitten we met jas en schoenen aan in de auto.”
Dat maakt het concreter.

En soms… gewoon wat extra tijd
Wat ik misschien wel het meest heb geleerd, is dat een beetje extra tijd inplannen veel stress kan schelen.
Als ik weet dat vertrekken soms wat langer duurt, probeer ik daar rekening mee te houden. Dat maakt het voor iedereen een stuk rustiger.

Tijd lijkt voor veel mensen vanzelfsprekend. Maar voor kinderen met autisme kan het heel verschillend aanvoelen. Mijn ene zoon laat zien hoe belangrijk duidelijke afspraken kunnen zijn. Mijn andere zoon laat me zien hoe lastig het kan zijn om tijd goed in te schatten.
En eerlijk gezegd leer ik daar als ouder elke dag nog van. Want uiteindelijk gaat het er niet om dat alles perfect op tijd gaat, maar dat we elkaar beter begrijpen.