Veiligheid zit niet alleen in je hoofd

Als moeder van drie kinderen met autisme heb ik veel geleerd over veiligheid. Ik dacht vroeger dat veilig zijn betekende dat er geen gevaar was. Inmiddels weet ik dat veilig zijn en je veilig voelen twee verschillende dingen zijn. Je veilig voelen is geen gedachte, maar een staat van je hele systeem. Je kunt met je hoofd weten dat alles goed is, terwijl je lichaam nog steeds alert blijft.

Bij mijn kinderen zie ik dat heel duidelijk. Een onverwachte verandering, te veel prikkels of niet weten wat er gaat gebeuren kan ervoor zorgen dat hun systeem in de waakstand schiet. Op zo'n moment helpt het niet altijd om te zeggen: "Maar er is toch niets aan de hand?" Hun lichaam ervaart op dat moment iets anders. Veiligheid ontstaat wanneer hun systeem voldoende voorspelbaarheid, verbinding en rust ervaart om weer te kunnen zakken.

Langzaam ben ik gaan beseffen dat dit ook voor mij geldt. Als moeder van drie kinderen met autisme ben ik gewend geraakt aan vooruitdenken, signalen opvangen en beschikbaar zijn. Hoe zit iedereen erbij? Gaat deze overgang goed? Wordt het niet te veel? Moet ik ingrijpen? Zelfs als alles rustig is, kan een deel van mij blijven luisteren en opletten. Mijn hoofd zegt dat ik kan ontspannen, maar mijn lichaam staat soms nog op wacht.

Daarom betekent herstellen voor mij inmiddels meer dan even niets doen. Ik kan op de bank zitten en vanbinnen nog steeds 'aan' staan. Veiligheid is voor mij het moment waarop mijn lichaam ervaart: ik hoef nu niets te voorspellen, niets op te vangen en niets op te lossen. Ik mag zakken.

Misschien is dat wel een van de belangrijkste dingen die mijn kinderen mij hebben geleerd: veiligheid ontstaat niet doordat iemand zegt dat je veilig bent. Het ontstaat wanneer je hele systeem voldoende veiligheid ervaart om de waakstand los te durven laten.



Met hartelijke groet,

Petra Dekker
Regiocoördinator Mama Vita