"Wat heb je nodig?" Misschien is dat niet de eerste vraag die we moeten stellen.

"Wat heb je nodig?"

Het is een vraag die we vaak stellen. Op school. In de hulpverlening. Op het werk. En ook thuis. Het lijkt een logische vraag, want als we weten wat iemand nodig heeft, kunnen we helpen. Toch is dit voor veel jongeren en volwassenen met autisme juist een van de moeilijkste vragen die er is.

Als moeder heb ik meerdere gesprekken bijgewoond waarin deze vraag centraal stond. Er werd gevraagd aan welk doel ons kind wilde werken. Of, toen school steeds moeilijker werd en er sprake was van uitval: "Wat heb je nodig om weer naar school te kunnen komen?"

Het antwoord was bijna altijd hetzelfde.

"Dat weet ik niet."

En nee, dat was geen onwil. Geen gebrek aan motivatie. Hij wist het écht niet.

Dat is iets wat ik gaandeweg ben gaan begrijpen. Wanneer je overprikkeld bent, vastloopt of al langere tijd op je tenen loopt, is het ontzettend moeilijk om te voelen wat je nodig hebt. Laat staan om daar woorden aan te geven. Er is vaak wel een gevoel dat het niet goed gaat, maar niet het inzicht waarom dat zo is of welke oplossing daarbij past.

Toch gebeurt er in de praktijk iets opvallends. We verwachten eerst een hulpvraag voordat er hulp kan worden geboden. Soms wordt begeleiding zelfs gepauzeerd of beëindigd, omdat iemand geen duidelijke doelen kan formuleren. Alsof het kunnen benoemen van je behoefte een voorwaarde is om ondersteuning te krijgen.

Maar wat als juist dát het probleem is?

Misschien is de eerste stap helemaal niet het formuleren van een doel. Misschien is de eerste stap samen onderzoeken wat er eigenlijk gebeurt.

Dat vraagt om een andere houding. Niet meteen zoeken naar een oplossing, maar eerst nieuwsgierig zijn. Luisteren zonder haast. Doorvragen zonder in te vullen. Soms is er behoefte aan een gesprek waarin iemand gewoon zijn verhaal kwijt kan. Soms helpt het om samen terug te kijken naar een situatie. Wat gebeurde er? Wanneer werd het moeilijk? Hoe voelde dat? Wat maakte dat het vastliep?

Vanuit die nieuwsgierigheid ontstaat vaak iets bijzonders. Langzaam komt er inzicht. Er ontstaat overzicht. En pas als iemand beter begrijpt wat er gebeurt, wordt ook duidelijk wat helpend kan zijn.

Dat betekent ook dat we soms andere vragen mogen stellen.

Niet: "Wat heb je nodig?"

Maar: "Vertel eens wat er gebeurde."

Of: "Zullen we samen uitzoeken waardoor het zo moeilijk was?"

Dat voelt misschien als een klein verschil, maar voor iemand die zijn eigen behoeften nog niet kan overzien, maakt het een wereld van verschil.

Geen antwoord kunnen geven op de vraag "Wat heb je nodig?" betekent niet dat er geen hulp nodig is. Het betekent vaak dat iemand juist hulp nodig heeft om dat samen te ontdekken. En misschien is dát wel de belangrijkste vorm van ondersteuning die we kunnen bieden.

 

Met hartelijke groet,

Petra Dekker
Regiocoördinator Mama Vita